03
sep
11

Starter van de maand

Donderdag 1 september werd TekstBuis door de VOA (Vereniging Ondernemingen Alphen aan den Rijn) uitgeroepen tot Starter van de Maand. Een hele eer, vond ik zelf, omdat ik nog maar 7 maanden geleden mijn schrijfbedrijf inschreef bij de Kamer van Koophandel. Een paar dagen voor de bewuste datum kreeg ik een seintje dat het handig zou zijn wanneer ik een uitgebreide pitch van 3 minuten zou voorbereiden om mezelf bij de VOA-borrel in Archeon (echt de moeite waard, wat een fantastisch themapark) te presenteren. De tekst die ik als leidraad heb aangehouden ging als volgt:

Dames en heren: Taal is muziek.  En woorden zijn de instrumenten. Om die instrumenten harmonieus samen te voegen, is een dirigent nodig. Ik ben niet alleen de dirigent, ik bespeel ook alle instrumenten. Dat leidt tot een samenhangend muziekstuk met een effectieve echo.
Ik ben Rob Buisman, het gezicht van TekstBuis, dat vandaag 7 maanden bestaat. Ik maak taalzinnige teksten voor het bedrijfsleven. Onder andere interviews met ondernemers en redactionele artikelen. Die zijn bijvoorbeeld te lezen in businessmagazines, waaronder regionale titels als Alphen IntoBusiness en Bollenstreek IntoBusiness.
Ik schrijf inmiddels zo’n 20 jaar, waarvan de meeste jaren als bijverdienste en ik heb een tamelijk gevarieerde achtergrond. Met mijn VWO-diploma op zak ben ik in afwachting van mijn dienstplicht eerst groenteman geweest. Daarna onder meer beroepsofficier, waarnemer in voormalig Joegoslavië, salesmanager, huisman. cabaret-pianist, sportjournalist en eindredacteur bij een zakenblad. Eind vorig jaar heb ik besloten om mijn hart te volgen en mijn geluk als zelfstandig tekstschrijver te beproeven. Taal – en muziek – zijn mijn passies.
In al mijn bezigheden heb ik verschillende vaardigheden opgedaan. Zoals dienstbaarheid, organisatie- en improvisatievermogen, stressbestendigheid, accuratesse en commercieel bewustzijn. Die eigenschappen komen nu goed van pas. Juist door die gevarieerde achtergrond kan ik me tijdens interviews eenvoudig in uw situatie inleven. En wanneer ik mijn aantekeningen uitwerk, ben ik steeds op zoek naar de perfecte balans tussen journalistieke inhoud en commercieel belang. Dat zorgt voor integere teksten die uw bedrijf optimaal belichten.
Wat ik vooral leuk vind aan mijn werk is het het ontdekken en zichtbaar maken van de kracht van een onderneming. Wat maakt uw bedrijf nu zo bijzonder? En nee, u mag niet meteen beginnen over kwaliteit, service en flexibiliteit. En ook niet over klantgerichtheid en persoonlijke betrokkenheid. Want wanneer uw onderneming die elementen niet in de bedrijfsvoering heeft geïntegreerd, kunt u de deuren wel sluiten.
Ik wil graag van u weten wat uw bedrijf écht onderscheidt van al die andere bedrijven die in dezelfde vijver vissen. Ik vraag dus door. En door. Als de advocaat van de duivel, maar wel met een glimlach. Tot we samen hebben ontdekt war uw onderneming uniek maakt. En welke boodschap u nu eigenlijk wilt overbrengen. Dat vertaal ik naar een artikel, een webtekst of een nieuwsbrief die voor u herkenbaar is en uw doelgroep direct aanspreekt. Daarmee bereikt u dat u gezien wordt zoals  u bent en gezien wilt worden.
Dat wil ik ook. Ik ben Rob Buisman van TekstBuis. Taaldirigent en woordmuzikant. Voor mensen én bedrijven die naar woorden zoeken.

17
jun
11

Kritiek

Na jaren (echt waar) vooral gehoord te hebben dat ik zo goed kon verwoorden wat mijn interviewpartner(s) had(den) bedoeld, kreeg ik afgelopen week een ronduit negatieve reactie op mijn weergave van een gesprek. Waar ik de voorbije maanden werd verwend met: “Ongelofelijk hoe jij van een warrig verhaal van mij een prachtig interview kan maken. Sommige teksten zijn zelfs veel mooier dan mijn uitspraken… ” (met dank aan V.); “Prima verhaal, net mijn eigen woorden :-) …” (met dank aan L.) en “Helemaal top! Een eyeopener voor mij. Copywriting is een vak…” (met dank aan E.) werd ik pas getrakteerd op: “Ik vind het artikel helemaal niets. Meer dan 70% van de tekst klopt niet, er zit helemaal geen lijn in…”
U snapt, daar schrok ik van. Zeker omdat ik juist mijn uiterste best had gedaan om er op basis van markante citaten – weer – een goed lopend verhaal van te maken dat de aandachtige lezer tot de verbeelding zou kunnen spreken. Enfin, kennelijk had ik de plank volledig misgeslagen. Jammer, maar niet onoverkomelijk. ‘Nieuwe plank zoeken en opnieuw timmeren’, dacht ik in eerste instantie. Tot ik zag dat de gemailde reactie niet alleen aan mij gericht was, maar ook rechtstreeks aan de uitgever die mij de opdracht voor het interview had gegeven. Toen baalde ik als een stekker. Zeker omdat ik bij het opsturen van de tekst (doe ik altijd, ik ben nu eenmaal niet onfeilbaar) in mijn begeleidende mail had geschreven: “Suggesties ter verbetering en andere constructieve opmerkingen zijn van harte welkom.” ‘Geef me dan in elk geval de gelegenheid om herstelwerkzaamheden uit te voeren…’ vond ik. Terechte gedachte?
Ik vind – uiteraard – van wel. Als de schoonmaakster net klaar is met de hotelkamer die je betrekt en je met een vrolijke lach in de deuropening begroet en je ziet dat ze iets heeft overgeslagen, loop je ook niet meteen op hoge poten naar de directie. Dan trek je de dame in kwestie zachtzinnig aan haar uniform en wijs je haar op het euvel. Tenminste, dat zou ik doen. Maar er zijn dus mensen die dat anders aanpakken.
Ik heb de boze mailer (CC uitgever) teruggemaild met: “Wat jammer dat je jezelf niet herkent in mijn weergave…” en de gelegenheid geboden om ‘gewraakte passages’ om te zetten in voor hem aanvaardbare uitspraken. Vandaag het stuk teruggekregen. Het is anders. Andere accenten. Wel een goed verhaal. Had zonder medeweten van de uitgever ook gekund.

13
mei
11

Spiegelen

Het begint op Twitter met een direct message over de dubieuze dpi-praktijken van KPN. S. – een goede zakelijke kennis – overweegt om aangifte te doen tegen de provider wegens mogelijke schending van privacy. Aangezien ik vanuit mijn arbeidsverleden een jurist ken die S. daarmee kan helpen, opper ik een naam en vliegen de DM’s heen en weer tot ik roep: ‘zullen we maar gewoon even de telefoon pakken?’ Ja, heel ouderwets. Maar dat soms vooroorlogs lijkende communicatiemiddel werkt nog steeds prima.
Na KPN lekker even door het slijk gehaald te hebben (dat abonnement houd ik toch wel) en de kwaliteiten van het kantoor waar de jurist werkt onder de loep genomen te hebben, komt het gesprek al snel op de gang van zaken bij onze ondernemingen. “Loopt het allemaal een beetje”, vraagt S. Ja, het loopt; maar het kan natuurlijk altijd beter. En bij S.? “Ach, ja, goh… Ik weet het soms niet. Aan de ene kant vind ik het leuk wat ik doe, aan de andere kant zou ik wel de zekerheid van een vast inkomen willen hebben.” Herkenbaar. Maar ik heb er nou juist voor gekozen om dat los te laten en vol voor mijn eigen toko te gaan, ook al is dat niet altijd een even stabiele basis wanneer je zoals ik nog niet zo lang onderneemt.
Het gesprek rolt vanzelf verder. Over wat je nou echt leuk vindt aan wat je doet en over de kansen die je zelf zou kunnen creëren om het niet alleen nog leuker te maken, maar ook om de zakelijke basis te versterken. We wisselen ervaringen uit, geven elkaar tips, hebben allebei o-doe-je-dat-zo-dat-is-best-handig momenten en voordat ik het in de gaten heb is er een uur voorbij. Een mooi uur. Want ook al is het niet face to face, het is fijn om uitgebreid te spiegelen. Ook over de motivatie om te ondernemen. En over dat je als ondernemer niet alleen je vak moet uitoefenen, maar ook moet blijven ondernemen. Kansen creëren en benutten vanuit jezelf. Daar gaat het uiteindelijk om. Dat je als ondernemer bent wie je bent en daar de basis in vindt om je vak uit te oefenen. Dat je in jezelf de zekerheid ervaart om te slagen. Dat je doelen stelt en bereikt. En dat het leuk is om dat op je eigen manier te doen. Fijn om dat weer eens zo duidelijk te voelen. Bedankt S.

27
apr
11

Social Media

Natuurlijk, ook ik heb er een mening over. Waarom je niet meer zonder kunt. Of juist wel? Het hangt er vanaf. Of niet? Ben je hot or not als je twittert? Is LinkedIn noodzakelijk om je te profileren? Facebook, kun je daar nog iets mee? En is Hyves niet hopeloos uit de tijd? Ontzettend 2010? Totaal passé?
Gezien het aantal social mediacoaches dat in rap tempo net zo snel groeit als een kudde kikkers bij volle maan is het fenomeen ‘social media’ de moeite waard om nader te beschouwen. En nee, ik maak er geen semi-wetenschappelijke verhandeling van. Daar zijn de social mediacoaches zelf veel beter in. Ik schrijf maar gewoon wat op. Dat kan ik dan wel weer (v)aardig.
Oorspronkelijk zijn social media – denk ik – bedoeld om eigen verhalen, kennis en ervaringen met anderen te delen. Die oorsprong is aardig overeind gebleven, maar ik heb intussen de stellige indruk gekregen dat de diverse sociale media een eigen onderscheidende functie vervullen. Zo is LinkedIn in mijn beleving een soort CV-verzamelplaats waar je elkaar bijvoorbeeld op de hoogte kunt houden van zakelijke ontmoetingsmogelijkheden die idealiter aansluiten bij je kennis, ervaring en/of interessesfeer. Facebook is voor mijn gevoel wat persoonlijker, zeg maar de privé tegenhanger van LinkedIn. En Twitter? Tja, daar begin ik altijd te twijfelen. Daarom heb ik ook twee Twitter-accounts. Eén om digitaal een beetje te socializen met familie en directe omgeving; de ander voor zakelijk gebruik. Want dat Twitter in zakelijk opzicht een goed marketinginstrument kan zijn, is me wel duidelijk. Alleen ben ik er nog niet helemaal uit hoe ik dat instrument op een manier die bij mij past kan bespelen. Waar grotere ondernemingen tegenwoordig niets voorstellen als ze geen Social Media Manager in dienst hebben, denk ik dat je je doel voorbij schiet wanneer je Twitter in de gestructueerde communicatieprocessen van je bedrijfsvoering integreert. Twitter, Facebook en LinkedIn hebben voor mij dezelfde waarde als een telefoon of e-mailverkeer. Ook die communicatiekanalen kun je op meerdere manieren gebruiken. Voor zakelijke boodschappen en voor privé gesprekken. Wat ik hiermee wil zeggen? Ik heb eigenlijk geen idee. Ik bazel maar wat. Net als de meeste mensen op Twitter, Facebook, Hyves en LinkedIn. Even iets van me laten horen. Ik ben er nog, zoiets. Bij deze. Tot de volgende keer. Tot Tweets.

21
mrt
11

Incasseren

Geweldig! Opdracht binnengehaald, interview gepland en gehouden, goed doorgevraagd, origineel verhaal geschreven, teruggekoppeld met de interviewpartner en de definitieve versie geleverd aan de opdrachtgever. Even wachten tot de deadline van het blad is geweest en factureren maar. Aantekening in de agenda wanneer de betaaltermijn verloopt, maar ervan overtuigd zijn dat het niet nodig zal zijn om de opdrachtgever daaraan te herinneren. Voor wat hoort nu eenmaal wat. Voor een tijdig aangeleverd product mag je toch een tijdige betaling verwachten?
Was het maar waar. In het zakelijke verkeer lijkt tijdig betalen eerder uitzondering dan gewoonte te zijn. De nog steeds wankele economie zorgt ervoor dat incassobureaus het drukker en drukker krijgen. Toch is dat vreemd. Leveranciers zijn het er namelijk roerend over eens dat het inschakelen van een incassobureau bedreigend kan zijn voor de zakelijke relatie op langere termijn. Tegelijk kunnen diezelfde leveranciers het zich niet veroorloven om onbetaald krediet te verlenen aan hun afnemers. Een waar dilemma dus.

Het vervelende is ook nog eens dat lang niet alle opdrachtgevers van kwade wil zijn. Niet zelden rekken debiteuren de betalingstermijn steeds verder op om zo de eigen liquide positie te verbeteren. Opdrachtgevers zijn vaak ook leverancier van een product of dienst en hebben dus ook te maken met verslechterend betaalgedrag van hun klanten. Zij moeten zelf ook langer wachten op hun geld en proberen het gemis aan liquide middelen op deze manier te compenseren. Het is een vicieuze cirkel die lastig te doorbreken is, hoewel de cijfers van het laatste kwartaal van 2010 enige hoop geven. Uit een recent rapport van Dun & Bradstreet blijkt dat 55% van de Nederlandse ondernemingen de rekeningen op tijd betaalt. Een jaar eerder was dat nog 45%. Verbetering dus. Alleen nog even afwachten of die zich doorzet.

Het is voor veel bedrijven niet eenvoudig om het juiste debiteurenbeleid te bepalen. De angst voor wanbetaling is er ingeslopen en die verdwijnt niet zomaar. Maar of het inschakelen van een incassobureau de beste oplossing is om debiteuren tot betalen van overtijdige facturen te bewegen? Ik waag het te betwijfelen. Misschien ben ik eigenwijs (dat weet ik eigenlijk wel zeker) maar ik geloof vooral in de persoonlijke benadering. Even bellen in de week na het verstrijken van de termijn, desnoods zelf op bezoek. Begrip geven en ontvangen. Krijgen waar je recht op hebt en de relatie in stand houden. Zaken doe je samen met oog voor elkaar en voor de toekomst. Voor mij werkt dat prima. En anders? IBRR :-)

07
mrt
11

Acquisitie

Echt leuk hoor, een eigen bedrijf(je) beginnen. Het ondernemersbloed kruipt na jaren weer waar het (niet) gaan kan. Ingeschreven bij de KvK, BTW-nummer gekregen, website in de lucht, visitekaartjes laten drukken. Alles klaar om het offensief op de tekstmarkt in te zetten. Maar hoe? Relaties uit het ‘oude netwerk’ benaderen is nog een soort van makkelijk. Mensen kennen je, weten wat je kunt en zijn best genegen om je opdrachten te gunnen wanneer die te vergeven zijn. Alleen kan het daar natuurlijk niet bij blijven. Brood kunnen kopen is prima, maar er moet ook nog beleg op en dan bij voorkeur iets meer dan alleen een dun laagje pindakaas van Euroshopper. Acquisitie dus. Je product aanprijzen bij potentieel geïnteresseerden die je nog niet kent. Is daar een plan voor nodig? Ik vermoed zo langzamerhand van wel. En ook een lange adem.

Met alleen netwerken kom je er niet. Bij het benaderen van de markt moet je doordacht te werk gaan, zo wordt tenminste in allerlei relevante publicaties gesteld. Een overzicht maken van mogelijke klanten en die stuk voor stuk te pakken krijgen om je diensten aan te bieden. Daar is gedrevenheid en zelfvertrouwen voor nodig.
Vorige week had ik een interview bij een bedrijf van twee creatievelingen die beide zaken direct vanaf de start van hun onderneming goed wisten te verenigen. “Je krijgt maar één kans om een eerste indruk te maken”, vertelde één van de twee. “Dus hebben we de zaken direct goed aangepakt, met een lijstje van 15 bedrijven in de hand die we als klant wilden hebben. Bij de één ging het sneller dan bij de ander, maar we hebben ze alle 15 in onze klantenkring gekregen.”

De andere helft van het creatieve duo zei: “Het gaat om succes. Zowel  van onze klanten als ons eigen succes. Door dat gezamenlijk belang is één en één altijd meer dan twee.” Dat klinkt allemaal heel eenvoudig en dat is het in feite ook. Maar je moet dus niet alleen goed weten te verwoorden wat jouw beoogde klant eraan heeft om met jou in zee te gaan, maar ook voor jezelf uitmaken wat jij eraan hebt om met die specifieke klant in zee te gaan. Op basis daarvan ga je acquireren, vol ambitie, overtuiging en dadendrang. Ik ga in elk geval beginnen met het maken van een lijstje van klanten die ik echt binnen wil halen. En die haal ik ook binnen. Let maar op.

20
feb
11

Netwerken

In de voorbije week ben ik naar twee netwerkbijeenkomsten in ‘mijn’ Alphen aan den Rijn geweest.
Op donderdagmiddag naar het Stamppotevent en vrijdagochtend naar Open Coffee Alphen. Er zijn in mijn regio nog veel meer mogelijkheden om te netwerken, maar als beginnend ondernemer moet je je tijd nu eenmaal zo goed mogelijk verdelen. En soms moet er ook nog praktisch worden gewerkt…
Hoewel netwerkbijeenkomsten doorgaans goed worden bezocht, hoor ik van veel kanten dat men niet zo goed weet hoe je je tijdens zo’n bijeenkomst moet opstellen. “Moet ik daar nou proberen zaken te doen? Of ga ik gewoon voor de gezelligheid…” Het meest hoor ik echter dat men bang is om contact te maken. “Ik ken daar niemand, hoe pak ik dat dan aan?”

Tja, dat is voor de één lastiger dan voor de ander. En ik kan me nog goed herinneren dat ik de eerste keer – na een stevige zucht te hebben geslaakt – ook zoiets had van: ‘nou, daar gaat ‘ie dan’. Maar het viel allemaal reuze mee. Ik zag een meneer die dezelfde kleur stropdas had (ja, toen werd die nog veel gedragen), liep op hem af, riep dat we dezelfde kleur stropdas hadden en vroeg of hij daar een bepaalde waarde aan hechtte. Al snel waren we in gesprek over de psychologische betekenis van kleuren in het zakendoen en allengs werd de kring groter met mensen die daar ook een mening over hadden.

Tegenwoordig loop ik gewoon op iemand af, stel me voor, vraag wat diegene doet en of die al vaker bij een soortgelijke bijeenkomst is geweest. Soms komt daar een leuk gesprek uit, soms niet. Zo probeer ik bij elke bijeenkomst kennis te maken met tenminste drie voor mij ‘nieuwe’ gezichten. Daarna mag ik van mezelf met bekenden socializen.
“Maar wat heb je daar dan aan?”, wordt me ook weleens gevraagd. Misschien veel, misschien weinig. Maar ik leer telkens weer een beetje beter om mezelf (en dus mijn onderneming) in korte tijd kernachtig te presenteren en mijn ‘unique selling points’  naar voren te brengen. Dat levert zelden een directe opdracht op. Maar dat moet je ook niet verwachten. Je gaat naar een netwerkbijeenkomst om jezelf voor te stellen en contacten te onderhouden. Dat hoeft niet per sé een direct zakelijk doel te hebben. Als ze maar weten wie je bent en wat je kunt. Zakendoen is gunnen. En als niemand je kent, wordt je nooit iets gegund.

07
feb
11

Ondernemen

Ik (nee, nooit de eerste zin met ‘ik’ beginnen, maar vooruit…) zit me al weken af te vragen wat voor schrijver ik zou zijn als ik niet zou bloggen. Een broodwerker? Een letterslaaf? Iemand die alleen maar schrijft omdat ‘ie verder geen talenten heeft? Nee, in die categorieën hoor ik niet thuis. Ik vind het namelijk leuk om te schrijven en heb daarom de stap genomen om mijn hersenspinsels op het net te kwakken. Voor passanten die het leuk vinden om ze te lezen. Wie het niet leuk vindt, slaat deze blog maar over.

Schrijven dus. Het liefst over mensen en wat ze beweegt om te doen wat ze doen. Daarbij heb ik ook  nog eens een fascinatie voor de zakenwereld. Ondernemers boeien me mateloos. Ben er zelf ook één, dus dat schept een band.
In interviews voor regionale zakenbladen die mij – hartelijk dank – regelmatig inschakelen, probeer ik doorgaans te achterhalen wat ondernemers drijft. Waar zit de motivatie? Wat is de bezieling? Welke kenmerken van de ondernemer zie je terug in zijn of haar bedrijf? Die probeer ik dan terug te laten komen in het stuk dat ik over het betreffende bedrijf schrijf.
Dat is niet altijd even eenvoudig. Ik heb ooit tijdens een interview aan een ondernemer gevraagd welke karaktereigenschappen hij zijn onderneming toedichtte. “Klantgerichtheid en persoonlijke betrokkenheid!”, riep hij met stevig aplomb. Intussen ging de telefoon eindeloos over zonder dat die opgenomen werd. ‘Moet je niet weten wie er belt?’, vroeg ik argeloos. ‘Zaken gaan tenslotte voor.’
“Nee hoor, als het belangrijk is, gaat ‘ie straks nog wel een keer…”
Met enkele notitievellen vol clichés ging ik na een uurtje de deur uit. Heb er een mooi verhaal van gemaakt waarin het vertrouwen van de ondernemer in zijn onderneming de boventoon voerde. Stuurde het naar zijn mailbox en kreeg het de volgende dag terug met de mededeling dat het een ‘goed stukje’ was geworden en dat ‘ie zich er helemaal in kon vinden.
Jaren later kreeg ik een telefoontje van dezelfde ondernemer met de vraag of ik een nieuwe bedrijfsbrochure voor hem wilde maken. Natuurlijk heb ik dat gedaan. Pakkende afbeeldingen, enthousiaste teksten, goed resultaat, al zeg ik het zelf.
De les uit dit verhaal? Tevreden klanten, daar gaat het om bij ondernemen. Hoe je dat bereikt is niet van belang. Gebruik je expertise op een lonende manier. Wie schrijft, die blijft. Maar wie betaalt, bepaalt.




mei 2012
M D W D V Z Z
« sep    
 123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
28293031  

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.